De taaiste mythe van eindeloze vooruitgang

We zijn geneigd om te denken, met name in de Westerse wereld, dat alles altijd in een rechte lijn omhoog gaat en zal blijven gaan. Dat wordt ons tenminste de hele tijd aangepraat. En dat praten we graag na. Het was voor mij ook lang een geruststellende gedachte.

Die gedachte zorgt er ook voor dat we allerlei verschijnselen in een rechte lijn doortrekken naar de toekomst. Want hoe het nu gaat zal het altijd wel blijven gaan.

Maar dat kan niet. Resultaten uit het verleden… maak de zin zelf maar af. We kennen het allemaal.

En toch móet onze economie maar steeds groeien en móet de technologie zich steeds verder ontwikkelen. Allemaal om uiteindelijk het beloofde land te bereiken. Alles wat nieuw is, is goed en alles wat oud is, niet.

Daarom denken we ook dat mensen vroeger veel dommer waren. Dat ze barbaren waren, elkaar de koppen insloegen om het minste of geringste en leden aan de vreselijkste ziektes in hun rottende plaggenhutten.

Of zoals Thomas Hobbes zei in 1651: “In de natuurtoestand is het menselijk bestaan eenzaam, armoedig, afstotelijk, beestachtig en kort.”

Maar wat ik dan niet begrijp:
– Waarom zijn we dan nog steeds niet in staat om de Egyptische piramides na te bouwen, met dezelfde precisie?
– Waarom bewonderen alle intellectuelen nog altijd de stokoude Griekse filosofen?
– Waarom zijn de Hanzesteden de mooiste steden van Nederland, terwijl die stammen uit de ‘duistere’ middeleeuwen?
– Waarom hechten we zo veel waarde aan puur, biologisch voedsel, terwijl dat zonder al die moderne snufjes is?

Nou, ik heb het antwoord wel. Omdat het vroeger helemaal niet slechter was (ook niet altijd beter overigens!). En omdat de samenleving zich helemaal niet in een rechte lijn naar boven ontwikkelt.

Het leven is cyclisch. En zo is het ook met samenlevingen. Beschavingen komen op, storten weer in, komen weer op in een andere vorm, enzovoort.

Wij leven helemaal niet op het toppunt van de beschaving. We zitten slechts op een fractie ervan, maar we vinden het zo fijn om onszelf gerust te stellen dat het nu de beste tijd ooit is, want dan hoeven we niet na te denken over hoe het anders of beter kan.

We praten onze eigen ellende goed.

En het helpt de heersende machten natuurlijk ook om lekker op hun plek te blijven zitten en kritiek eenvoudig naar de prullenbak te verwijzen.

Er is wel degelijk een weg voorwaarts, maar die is niet geplaveid met meer van hetzelfde, maar van iets anders. En daarin gaat de bezielde mens weer voorop staan en niet de maffe ideologieën van de afgelopen eeuwen.


Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *